dinsdag 22 januari 2013

SLB 2.1

SLB, stiekem toch altijd wel het meest onderschikte vak van elke periode. Toch moet er altijd wel iets voor gedaan worden. Zoals een portfolio maken, bijvoorbeeld. Gelukkig is dat in ieder geval wel gelukt! 

Daarnaast heb ik dit semester samen met Frank en X een interview gehouden met een 'stagebuddy'. Het slachtoffer was Stephanie Olthof, die afgelopen jaar bij de gemeente Leeuwarden stage had gelopen. Deze stage had ze verkregen via een vacature van het NHL en het sloot goed aan op haar minor Copywriting. Zo moest ze bijvoorbeeld interviews afnemen, fotograferen en schrijven voor de Leeuwarder Courant. Ook was ze verantwoordelijk voor het opzetten van verscheidene evenementen voor de gemeente.

Uiteindelijk was het doel om ook aan jezelf te werken met SLB. Zo heb ik drie leerdoelen op gesteld, waarvan ik denk dat ze voor mij het meest van toepassing zijn. Deze zijn natuurlijk SMART geformuleerd!

  1. Aan het eind van dit schooljaar wil ik minder laks overkomen in presentaties en bij leraren.
  2. Aan het eind van dit schooljaar wil ik een beter beeld hebben van wat ik nu precies met het vak Communicatie wil gaan doen. Kortom: wat vind ik echt leuk?
  3. Aan het eind van dit schooljaar wil ik zo efficiënt mogelijk kunnen plannen. Minder last-minut.
De eerste heb ik gekozen omdat ik nogal informeel schijn over te komen tijdens presentaties. Aan de eerste kant is dat een goed ding; ik kom nogal 'chill' over, maar aan de andere kant mist het overtuiging. Het tweede en derde leerdoel spreken voor zichzelf.



Als laatste opdracht voor SLB wil ik nog even een foto erbij nemen die een grote impact heeft gehad op m'n leven.  Nou heeft niet persé deze foto een impact gehad, maar het mooie papiertje (voor die mooie jongen) dat erop staat wel. Het is me eindelijk gelukt om een grote sprong voorwaarts te zetten qua school, terwijl ik eigenlijk alleen maar achteruit ben gegaan sinds ik in de eerste klas op het Gymnasium ben begonnen. Misschien was dat ook wel een goed iets, gezien ik anders hier nu misschien wel niet was geweest!

Minor: Copywriting

Vroeger wou ik stiekem altijd redacteur worden bij een krant of tijdschrift. Nou heb ik die droom een beetje laten varen na een jaartje journalistiek, maar schrijven is me altijd blijven interesseren. Maar dan wel het creatieve schrijven natuurlijk, want die nieuwsartikelen moeten veels te veel volgens allemaal regels. Bah. In eerste instantie had ik dan ook communicatie gekozen, omdat je hier ook een journalistieke kant had. Enter Copywriting!

Periode 1

Onder leiding van Judith de Jong was het de bedoeling om allemaal verschillende soorten artikelen onder de knie te krijgen. Allereerst moesten we hiervoor ter ondersteuning allemaal oefeningen doen in de colleges. Zo moesten we voor je eigen nieuwsbericht eerst een artikel maken over Roodkapje. Wat vond jij het belangrijkste nieuws daarbij en hoe bouw je dat op. Helaas kon je hier alsnog niet echt je creativiteit optimaal kwijt.

Dat kon wel in de column die we daarna moesten schrijven. Zonder twijfel vind ik dat ook het leukste artikel dat ik heb moeten schrijven. Je mocht heerlijk overdrijven, zelf een onderwerp uitkiezen en ontzettend creatief en beeldend vertellen. Top. Uiteraard was mijn stuk over de invloed van de media tegenwoordig, natuurlijk het neusje van de zalm. (kuch)  Ook moesten we een brochure schrijven, waarbij vooral de doelgroep en de aankleding belangrijk was.

Als laatste moesten we de eerste periode een heus interview houden en de resultaten hiervan in een artikel verwerken. Je mocht het onderwerp zelf kiezen, maar het moest wel over iets gaan waar je meer van wilt weten. Gezien ik altijd met de vraag heb gezeten "wat communicatie nou precies is", ben ik hiermee naar communicatie Visser & De Graef gegaan en heb ik een interview afgenomen met Marcellus de Graaf. Een ontzettend leuk interview, waarin ik leuke anekdotes gehoord heb en zeker een beter beeld heb gekregen over het onderwerp. Daarnaast was het natuurlijk erg leuk om even een kijkje te nemen in de taken van een communicatiespecialist.

Periode 2

In deze periode werd het pas echt serieus: er moesten meer artikelen geschreven worden én ze hadden veel meer te maken met het vakgebied van communicatie. Zo moest er twee keer een wervende tekst geschreven worden (wat tevens mijn achilleshiel bleek), moesten we een speech schrijven, een achtergrondartikel, een recensie én een artikel voor een externe opdrachtgever. 

De tijdsdruk was dus iets groter, maar dat maakte de periode er niet minder leuk om. Ik had hierbij echt het idee dat er iets van me werd verwacht en ik kreeg ook meer (terechte) kritiek op mijn stukken. Hierdoor heb ik een hoop artikelen voor de derde versie helemaal moeten herschrijven. Het hoogtepunt van de periode was ongetwijfeld het schrijven voor een externe opdrachtgever. Je stuk moest namelijk in een blad worden geplaatst! Ik besloot daarom of ik een stuk in De Ruis kon schrijven, gezien dat me een erg leuk medium + doelgroep leek.

Voor het artikel waren ze wel geïnteresseerd in mijn interview met Marcellus, gezien dat helemaal over Communicatie ging. Na wat contact over en weer, bleek dat mijn stuk toch de nodige haken en ogen had, en er moest flink in om gehakt worden. Na goedkeuring van meneer De Graaf zelf is mijn uiteindelijke versie opgestuurd in de Ruis.

Erg tof om te zien dat mijn artikel waarschijnlijk in de komende editie te lezen valt!

Hieronder nog even het artikel waar ik het meest trots op ben, afgelopen periode. Te weten de column over de invloed van de media:



Cool en stoer


Weemoedig staar ik uit het raam van de trein. Ik probeer het te verdringen, maar toch spinnen er inmiddels vele gedachten door mijn hoofd. Termen als ‘verwend nest’, ‘luxe probleem’  en ‘waarom heb ik niet zo’n ding?’, spoken door mijn brein. Om nog maar te zwijgen over ‘wat moet zij hier in godsnaam al mee?’ Amper een jaar of elf, beste lezers, en deze kleine dame voor me heeft al een dure smartphone met alle toeters en bellen. En ze is zeker niet de enige. Waar gaat dit over? Ondanks dat deze jongedame nog maar zo ehm… jong is, spreekt ze boekdelen over de cultuur van tegenwoordig. Alles moet maar nieuwer, beter en hipper zijn. Dat is namelijk cool en stoer.

Althans, dat is wat die dekselse media ons voorleggen. Als je niet de nieuwste telefoon hebt hoor je er namelijk niet bij. Heb je geen dure smartphone? Loser. Tegenwoordig kan je namelijk alles met zo’n hypermodern telefoontje, die minimaal een touch-screen en toegang tot talloze ‘apps’ moet hebben. En dan ook nog het liefst een Samsung Galaxy S3 of een iPhone. Want hè, we moeten wel kwaliteit natuurlijk. En deze apparaten zijn het helemaal, als we de media mogen geloven. Geen wonder dat je op het internet de ene na de andere discussie krijgt welke nou het beste is. Maakt het uit? Natuurlijk niet! Maar het is ontzettend nuttig om elkaar af te kraken over wat nou hét beste mobieltje is. 

De media hebben een hoop invloed op hoe wij precies denken. Althans, in ieder geval qua hippe apparatuur. Al kan ik me ook een of ander opgeblazen feest in Haren voor de geest halen. Daarom willen ook meisjes van elf zo’n dure telefoon. Want dat is cool en stoer. Daarbij hebben al haar vrienden het ook. Zelfs mams doet gezellig mee. Iedereen valt ervoor. Werp maar eens een blik om je heen. Stomme media. Het zorgt ervoor dat we ons gezicht verliezen. Waar is onze eigen mening gebleven?

We leven in een vreemde tijd waarbij die dekselse pers onze mening bepaalt. Wat wij vervolgens beschouwen als onze eigen mening. Al hebben de meeste homo sapiens dit niet door. Zelfs de gelukkigen die door hebben dat ze door de media beïnvloedt worden, hebben niet door dat ze er door worden beïnvloed. Die beïnvloeding gebeurt namelijk altijd. Ook nu, middels dit treffende stukje tekst. 

 “Diepzinnige gedachten, zo op dit late uur”, verzucht ik en wendt mijn gezicht van het raam. Het meisje tegenover me zit nog steeds vrolijk te pielen met haar peperdure iPhone. “Zou de media ons echt zo in hun greep hebben?” Vervolgens begint er iets in mijn broek te trillen. Met een snelle graai haal ik het apparaatje tevoorschijn en laat mijn vingers over het blinkende scherm glijden. Uit mijn ooghoek zie ik een poster voor het toestel dat ik op dit moment in mijn handen heb. Er verschijnt een flauwe grijns op mijn gezicht. Ben ik toch nog een beetje cool en stoer.
 


Creatielijn: Beeldtaal & Campagnestrategie

Beeldtaal

Anders dan 'creatielijn' doet vermoeden, gaat het hier om het creëren van bepaalde beelden. Nee, bij beeldtaal moesten we beelden gaan analyseren. Dit vak stond de eerste periode dus helemaal in teken van foto's, filmpjes en reclame's. Doel was om behendig te worden in de gedachte achter een beeld te zien. Dit deden we door middel van verschillende theorieën, waarin Gestalt, Semiotiek en Retoriek er bovenuit staken. Mijn hoofd stond binnen de kortste keren bol van gekke wetten, vreemde indexicale tekens en denotatische beredeneringen

In eerste instantie wekte dit vak niet echt mijn interesse, maar na een tijdje begon ik het stiekem wel te waarderen. Sowieso heeft beeld altijd wel mijn aandacht getrokken, naast schrijven, dus het was erg leerzaam om te kijken hoe zo'n foto nou is opgebouwd. En dan natuurlijk vanuit het communicatieve-perspectief. Zo ontdekte ik al gauw dat er zelfs in een simpele poster van een van de recente Bob-campagne een hoop tekens verborgen zitten. Denk bijvoorbeeld aan de subtiele weglating van de letter 'o' met telkens een verwijzing naar een feestje. Of het indexicale (of zelfs symbolische!) teken wat Bob tegenwoordig is geworden. Erg interessant!

De toets had ik vanzelfsprekend zonder al teveel moeite ook een 6 op gescoord.

Campagnestrategie

In de tweede periode bouwde Campagnestrategie in feite voort op wat we met beeldtaal hadden geleerd. Maar in plaats van het feit dat we alleen aan het analyseren waren, mochten we nu zelf ook creatief bezig. Althans, relatief gezien dan. Gezien we nu campagnes moesten analyseren en onze eigen interpretatie van deze campagnes moesten uitwerken in een verslag. Dit moest gedaan worden in groepjes van drie en ik was opgedeeld met Frank en Youri.

Allereerst moest er een marketingscampagne worden geanalyseerd, dit werd de 'gevallen-miljonair'-campagne van Telfort. Daarna moesten we een corporatecampagne analyseren, waarbij de keuze viel op een campagne van Vodafone. Omdat we toch al helemaal in de sfeer waren van het kiezen van mobiele providers, kozen we voor de overheidscampagne natuurlijk voor... ehm... Bob! Die gekke overheid heeft namelijk helemaal geen providers.

Deze campagnes moesten we analyseren aan de hand van beeldtaal en andere zaken. Wat willen ze ermee bereiken, welke communicatiemiddelen gebruiken ze en is er ook een verband tussen deze middelen te zien. Uiteraard werd dit veelal overgelaten aan onze eigen interpretatie. De verslagen werden afgewisseld met een lesje over de verschillende soorten campagnes.

We moeten van alledrie de verslagen nog een tweede versie inleveren, waarvan de deadline 25 januari is. Een cijfer is dus nog onbekend!

Financieel Management

Na overleg was de knoop doorgehakt: er zou een nieuw communicatieadviesbureau op de markt komen met de naam FeitCommunications. Dit bedrijf zou hét nieuwe en creatieve bedrijf worden op het gebied van communicatieplannen en -advies. In periode 1 zou de officiële opening zijn. Maar dit kon natuurlijk niet gebeuren onder toeziend oog van Gert van der Horn, die ook vond dat er een uitgekiend financieringsplan geschreven moest worden.

Algauw was 'FeitCommunications' (Keeping the facts straight) van start gegaan en moest er gekeken worden naar de nodige zaken. Ik moest een onderkomen hebben met een rendabele huurprijs, ik moest een hoop spullen hebben om te beginnen en moest maar eens een lening gaan afsluiten. Helaas groeide het geld me namelijk niet op de rug.

Na wat kleine opstartprobleempjes, liep FeitCommunications als een tierelier. Het bedrijf was al gauw in de regio bekend, mede doordat ze zulke uitgekiende communicatieplannen konden uitwerken, die meteen recht op het punt afkwamen en voor verrassende strategieën zorgden. Het was dan ook tijd om de nodige spullen in te slaan. Er moesten verzekeringen afgesloten worden en de inventaris kon ook wel wat worden uitgebreid.

Dit moest natuurlijk goed uitgewerkt worden in allemaal balansen, begrotingen en dat soort dingen. Het was een heel gedoe, maar uiteindelijk werd dat plan ook uitgewerkt. FeitCommunications was nu goed op de hoogte waar het zich bevond en hoe het zich winstgevend kon maken. Daarbij hoorde een passend uur tarief van iets meer dan €40,-.

Mijn manager van de financiën zag dat het goed was en vond het tijd voor mijn eerste grote zaak. Ik moest maar eens een vernuftig communicatieplan gaan opstellen voor het Gelders Ouderen Orkest. Deze beste jongens hadden namelijk een jubileum en alles moest tot de puntjes geregeld worden. Aan mij de taak om ervoor te zorgen dat er een aantal gasten zouden verschijnen en de aankleding tiptop in orde was. De financiële kant van deze zaak moest natuurlijk ook uitgebreid belicht worden en er moest een uiteindelijke offerte worden geschreven.

Helaas was Gert niet helemaal tevreden met de eerste resultaten. Ik merkte dan ook dat het financiële aspect moeilijker was dan gedacht. Dat terwijl economie mij vroeger zo goed afging! Marketing lag toch iets beter in mijn straatje. Zonder al die cijfertjes dan. Toch herstelde ik mij keurig en mocht ik toch een mooie voldoende én een tevreden Gelders Ouderen Orkest in ontvangst nemen.

FeitCommunications was een succes!

Projectmanagement

Aan het begin van de eerste periode konden we meteen aan de slag met projectmanagement. Bij dit vak had je verscheidene opdrachtgevers en kon je dan ook een hoop verschillende soorten opdrachten krijgen. De eerste week was ik meteen de pineut: Samen met Mendel, Pyter-Anne en Jurrian konden we een marketingscommunicatieplan gaan schrijven voor DHC Drachten. Gezien we dit nog nooit eerder gedaan hadden, stond ons nog wat te wachten.

DHC Drachten is een hobbyclub waar men zich bezig kan houden met technische dingen. Zij hadden dringend advies nodig over hoe zij meer (actieve) leden konden krijgen, met een bijbehorend beter imago. DHC Drachten zelf had namelijk nog niet zoveel kaas gegeten van communicatieplannen en dergelijke.

Ons groepje ging hiermee aan de slag. Onder toeziend oog van Geert-Jan natuurlijk, gezien wij nog nooit eerder aan zo'n plan hadden gewerkt. Het opstarten was dan ook een beetje wennen, maar uiteindelijk ging het goed. Na het nodige te hebben uitgeschreven over proposities, doelstellingen en dat soort gepeupel kwam er uiteindelijk zeker een leuk advies uit. We kwamen met de campagne "Techniek doe je samen!" DHC Drachten moest zich richten op een nieuwe doelgroep én zich positioneren als de goedkoopste hobbyclub met een groot clubgevoel. En dat kan je natuurlijk alleen samen bereiken. Hierbij hebben we een hele nieuwe huisstijl ontwikkeld, gebaseerd op de kleuren en vormen van bovenstaand logo.

Dit project ging allemaal heel officieel. Te beginnen met een briefing en debriefing, regelmatig contact met de opdrachtgevers, elke week een bespreking met Geert-Jan en uiteindelijk een eindpresentatie voor de vertegenwoordigers van de vereniging. Het was even wennen, maar het was een erg leuk project om te doen. Zeker omdat je het idee krijgt dat je het écht ergens voor doet.


Het uiteindelijke cijfer moeten we nog terugkrijgen!

Corporate communicatie & Huisstijl


Het eerste semester staat in eerste instantie in het teken van corporate communicatie. Die is de communicatie die in en om een organisatie plaatsvindt, zowel intern als extern. De eerste periode kregen we de interne communicatie voor onze kiezen en de tweede periode de externe communicatie en huisstijl.


Interne Communicatie

De eerste periode van interne Communicatie bestond uit twee delen, allereerst moest er aan het eind van de periode een toets gemaakt worden over de lesstof, maar er moest ook een heus intern communicatieplan gemaakt worden. Voor dit interne communicatieplan moest er een 'gap' opgelost worden bij een bepaald bedrijf. Deze kloof was het verschil tussen de gewenste communicatie en de werkelijke communicatie. Als organisatie heb ik gekozen voor zorginstelling De Friese Wouden.

Het onderzoek moest gedaan worden door middel van desk-, kwalitatief- én kwantitatief research. De opdracht moest in je eentje gemaakt worden, dus dat was nogal een opgave. Verder heb ik de ontzettend fijne eigenschap om alles uit te stellen, dus dat werd verschrikkelijk aanpoten. Uiteindelijk heb ik een interview gehad met de communicatieadviseur van De Friese Wouden, Gretha van der Veen, en zijn er +- 10 medewerkers ondervraagd.

Met afstand was dit wel het leukste onderzoek dat ik heb mogen doen. Niet in de eerste plaats omdat het verwerken van de resultaten en het bedenken van twee passende strategieën (actie- en interactievisie) erg leuk was, maar ook omdat je zo een beetje de touwtjes zelf in handen had.


Naast het plan was het ook de bedoeling om een infographic te maken over je plan én deze te presenteren. Deze is hier rechts afgebeeld. Ik moet eerlijk zeggen dat ik erg trots ben hierop.

Het plan zelf kon ik gelukkig ook naar huis over schrijven, deze was namelijk beoordeeld met een goed.


Corporate communicatie

Interne Communicatie ging nog om de identiteit op de werkvloer, maar corporate ging een stapje verder. In deze periode was het de bedoeling dat we naar de externe communicatie én het imago moesten kijken van opdrachtgever Het Fries Museum. Deze had namelijk recentelijk een nieuwe huisstijl en identiteit ondergaan, en er moest gekeken worden of deze aansloeg bij het publiek.

Hiervoor moesten we een eigen bedrijfje vormen en op bezoek gaan bij een speciale doelgroep. Dit bedrijf werd Down to Earth Communications, wat een samenwerkingsverband was tussen X, Frank en mijzelf. Het doel was dus om het huidige imago van het Fries Museum in kaart te brengen en onderzoek doen naar twee gaps (gewenste identiteit vs fysieke identiteit en gewenste identiteit vs imago). Wij moesten dit onderzoeken bij de mensen die blockbusters bezochten in het Drents Museum.

Het was een erg leuk onderzoek, mede door de goede samenwerking tussen ons. Daarbij hebben we na een middag brainstormen een vrij originele strategie bedacht om het Fries Museum op de kaart te zetten; namelijk een speurtocht door de elf steden. In de krant wordt een hint gezet en de doelgroep moet vervolgens op zoek gaan naar de plek waar het 'bord' zich bevindt. Vervolgens moet zij een foto ervan maken en naar het Fries Museum sturen. Dit geheel in de huisstijl van het Fries Museum en heeft als doel de kernwaardes 'betrokken' en 'Fries' te vergroten.

Het cijfer hiervoor moeten we nog terugkrijgen, maar het was in ieder geval een leuk project om te schrijven en zeker een plan waar ik en mijn groepje trots op zijn!